KGO-project muzikaal hoogtepunt

St. Nicolas Cantate - Recensie uit Weekblad Oosterhout 23 nov

Studenten van het Frencken college bereiden zich voor.
Leden van Koorgroep Oosterhout.

Koren en musici brengen fantastische uitvoering van Saint Nicolas cantate

Meteen maar met de kerkdeur in huis vallen. De uitvoering van de Sint Nicolaas Cantate (Saint Nicolas, a Cantata) van Benjamin Britten afgelopen zaterdag in de Antoniuskerk is met straatlengtes voorsprong het prachtigste klassieke concert van Oosterhout. Jazeker, mevrouw, meneer, echt nog beter dan de passie van Matthaus in de Sint Jan. En die was al niet slecht. Dus u kunt wel nagaan wat u gemist heeft of waarom u zo genoten heeft.

EDELSMID

Wat voor de Antoniuskerk helaas niet weggelegd is - het eeuwig leven - bleek wel voorbestemd aan de drie pijlers van het concert. Dankzij Riek Muselaers de jonge, getalenteerde en gedreven dirigent van de Kqorgroep Oosterhout verrezen ze, ver na Pasen (of lang ervoor, het is maar hoe je het ziet) uit 'den dode'! Benjamin Britten (1913-1976) de wereldberoemde componist, natuurlijk 'Sinniklaas' (eerste helft 4e eeuw) en Jan de Breet. Die twee eerste doen geen wenkbrauwen fronsen, maar wie is Jan de Breet? Als muziekdocent aan de pabo in Dongen en actief in de muzikale wereld van Breda, Oosterhout en Etten-Leur trok hij de voor en zaaide het zaad waaruit zowel de Koorgroep Oosterhout als het Symfonisch Ensemble Breda ontsproten. Een docent die zijn leerlingen inspireerde en enthusiasmeeerde. Naast hen schitterden de Oosterhoutse Nachtegalen (o.l.v. Wim Schoones), 45 leerlingen van het Frencken (o.l.v. Mieke Molenschot), andere instrumentalisten (Matteo Zijderwijk en Leon Schenkels, piano, Sander Vredenborg en Olivier Dolk, slagwerk, Frans Bullens, orgel) en Maarten van den Hoven, de tenor die Saint Nicolas moeiteloos nog meer ontzag gaf. Geen geringe solopartij! Daarmee had edelsmid Muselaers goud en juwelen in handen. En hij maakte van Saint Nicolas, a Cantata, een kroon op het Oosterhoutse klassieke muzikale leven van 2011.

OPEN DOEKJE

Britten schreef de cantate in 1948 ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan van het Lancing College in Sussex. De Engelse componist wilde de jonge stemmen van het schoolkoor goed uit laten komen. De tekst die in grote trekken het (vooral legendarische) leven van de populaire heilige beschrijft, is van Eric Crozier. Brittens compositie sluit prachtig aan bij de avonturen die Nicolas beleefde. Zo hoor je met de pianopartij als golven, de storm afnemen wanneer onze heilige die tot de orde roept, en de bliksem in de hoge stempartijen. De schrik slaat je om het hart als het slagwerk de dood van de bisschop aankondigt. Ontroerend en ontwapenend was Simon Schütz, een jonge Nachtegaal. In het tweede deel zingen koor en 'Young Nicolas' in een vrolijke wals over de geboorte van de kinderheld. Simon liet horen hoe Nicolaasje, vers uit de moederschoot gesprongen, 'God be glorified!' gejubeld moet hebben. Het was prachtig. Visueel werd het zelfs hilarisch TOEN HET KOOR ZONG HOE Nicolaas 'groeide in onschuld en trots' en Van den Hoven naast de kleine Simon oprees en liet horen hoe de 'groot gegroeide' Nicolaas Gods lof zong. Het leverde Simon een open doekje op.

BEN HUR

Op de hoogtepunten moest Muselaers als Ben Hur tijdens de wedren een hoop touwtjes in handen houden. Meer dan 200 man: 3 koren, het Symfonisch Ensemble, de slagwerkers, organist, pianist en kerkvolk, want het bleek een interactieve uitvoering. Aan het eind van de pauze nam het kerkvolk weer plaats in de banken om samen met de uitvoerenden twee hymnes in te zingen. Het kwam 'het vierde koor' te staan op een enthousiast applaus van de zangers op het priesterkoor. Eerlijkheidshalve moet gezegd worden dat de leerlingen van het Frencken het publiek muzikale rugdekking gaf.

Studenten van het Frencken college bereiden zich voor.
Studenten van het Frencken college bereiden zich voor.

INDRUKWEKKEND

Nog voor aanvang van het concert was het duidelijk dat de Goedheiligman al weer een week een tijdelijke verblijfsvergunning in zijn mijter had. Luidkeels werden de bezoekers uitgenodigd om in schoentjes te kijken en in de pepernotenzak te graaien. Voor de pauze mochten de meeste deelnemers aan de Cantate eerst nog even afzonderlijk laten horen waartoe ze in staat waren. Het Symfonisch Ensemble Breda liet horen hoe harmonisch strijkinstrumenten bij juiste gebruikswijze kunnen klinken, wat in Oosterhout niet altijd het geval is. Zowel in Palladio (Karl Jenkins * 1944) als in het tweede deel van het Tirol concert voor piano en orkest (Philip Glass *1934) lieten ze horen dat ook moderne klassieke muziek uitermate oorstrelend kan zijn. Ruben Vromans (1993) leerling van het MFC speelde in het laatste stuk de pianopartij. Hou die jongen in de gaten. Hij is een van die Oosterhouters die ver buiten 'kaaiendonk' en ver van de 'kaaikwekavond' gaat scoren! Bij De Oosterhoutse Nachtegalen krijg ik altijd ongewild associaties met De Familie Von Trapp. Volkomen ten onrechte, want die familie ging maar één grens over. De Nachtegalen gaan alle grenzen te buiten! Ze zingen net zo vlekkeloos en indrukwekkend een oosterse 'Gospodie', waarbij je eigenlijk aan zware melancholische bassen denkt, als een swingende 'Steam Heat'. Dan heb ik het nog niet over de moeilijke partij uit de Cantate van na de pauze. En alles van buiten en met de handjes op de rug!! De KGO zong geheel in stijl, ingetogen dus, Triodion van Arvo Part. Een drietal religieuze lofzangen. Part schreef het in 1998 voor de school waarvoor Britten 50 jaar eerder zijn cantate schreef. Ode het Triodion vormde een mooie aanloop voor het programma na de pauze: een ode aan Holy Saint Nicholas.

En laat nou de maan maar door de bomen schijnen, die prachtige Dieuwertje nog elke dag op de buis verschijnen, kinderen hun schoentjes bij de cv zetten en Erik van Muiswinkel beunen als Hoofdpiet. We kunnen rustig gaan slapen, want bisschoppen komen en bisschoppen gaan, maar die van Britten blijft altijd bestaan.

Hans van der Prijt
(foto's: Wim Vermeeren)

Bron: Weekblad Oosterhout 23 nov 2011

Terug